-
1. Produktieve -“tonnen”- rassen en hooggehaltige rassen; kan ik met een “tonnen” ras ook een goed suikergehalte halen?
-
2. Wat is diploïd?
-
3. Wat is triploïd?
-
4. Waarom is het suikergehalte soms zo wisselend?
-
5. Wat is de oorzaak van lage suikergehaltes?
-
6. Waarom is de tarra soms zo wisselend?
-
7. Waarom hebben we in Ned.zo'n snelle wisseling van de rassen?
-
8. Wat is de beste zaaiafstand per grondsoort?
-
9. Wat is het beste tijdstip van zaaien?
-
10. Waarom komen niet alle zaadjes op die gezaaid worden?
-
11. Ik vind de prijs van het bietenzaad zo hoog. Hoe komt dat?
-
12. Welk ras is van welke firma(kleur)?
-
13. Waarom krijgen mijn suikerbieten wortelbrand ondanks het gebruik van Tachigaren?
-
14. Onkruidbieten en schieters
-
15. Moeten suikerbieten geschoffeld worden?
2. Wat is diploïd?
Ploïdie wil zeggen hoeveel chromosomensets (chromosomen zijn de dragers van de erfelijke eigenschappen) een plant (of dier) bezit. Diploïd wil zeggen 2 identieke sets chromosomen (2N). Een geslachtscel van zo’n plant (een eicel of stuifmeelkorrel) bezit dan de helft van dit aantal, bij geslachtelijke voortplanting komt immers de helft van de moeder en de helft van de vader. Een diploïd suikerbietenras heeft dus zowel een diploïde vader als moeder. In de praktijk worden diploïde bieten gekenmerkt door een wat vlottere en hogere veldopkomst en een wat steilere bladstand. In de resistentieveredeling wordt voornamelijk gewerkt met diploïd materiaal.